Reisverslag nov. 2007
Missie Kameroen november 2007

Na een bezoek aan Roemenie in 2006 staat nu een bezoek aan Kameroen op de agenda. Dit vraagt iets meer aan voorbereiding. Ik ga mee op uitnodiging van Peter van Leerdam van de stichting Holland helpt Wereldwijd. Hij zorgt voor de tickets en het visum. De prikken tegen allerhande nare tropische aandoeningen moet ik helaas zelf gaan halen bij de GGD in Nijmegen. Op 9 augustus de eerste vaccinaties en op 4 oktober nog een herhaling. Ik ben er een paar dagen beroerd van geweest. Peter heeft mij verteld wat voor cadeautjes ik het beste kan meenemen. Ballpoints, voetballen, petjes, dat soort dingen. Bij het CDA, de gemeente Lingewaard en verschillende plaatselijke ondernemers heb ik e.e.a. losgepeuterd. Bij de voetbalclub zes lederen voetballen. De bijbehorende pompjes aangeschaft van het aan mij toegewezen budget. Alles bij elkaar een koffer vol. Gelukkig is bij Brussels Airlines 46 kg aan bagage toegestaan.

Donderdag 8 november

Vroeg op want het vertrek vanaf Renswoude staat gepland op 5.30 uur. De echtgenote van Peter brengt ons naar Brussel. Daar vandaan gaat namelijk een rechtstreekse vlucht naar Douala, Kameroen. Om 11.00 uur stijgen we op en na een nogal turbulente vlucht landen wij om 17.30 uur  veilig op Douala International Airport. Daar worden wij opgewacht door Jeltje Blaauw van het Baptist Hostel waar wij de eerste twee nachten zullen logeren. Zij kent het klappen van de zweep wat betreft de formaliteiten bij de douane en de kruiers die om onze bagage vechten. Het zijn redelijk brutale rakkers. Goed dat er assistentie aanwezig is. Wij gaan naar de Baptisten. Het is 29 o, lekker vochtig en dat ben ik dus ook. Er is nog een Hollandse gast, Meike Voorma. Zij werkt voor een Nederlandse overheidsinstelling en zal morgen met ons naar Mutengene gaan waar de nieuwbouwplannen voor een revalidatiekliniek op de agenda staan. Eerst even lekker onder de douche en daarna naar een nabijgelegen hotel om te dineren. Ik treed, ter kennismaking, op als gastheer. Terug in het hostel nemen wij nog een drankje en gaan onder de wol in een airconditioned slaapkamer. De eerste kennismaking met tropisch Afrika valt, voor wat het comfort betreft, nogal mee.

Vrijdag, 9 november

Opstaan om een uur of zeven, duik in het zwembad en lekker buiten ontbijten.
Sister Leonarda, hoofd van de revalidatiekliniek “Arch”, uit Mutengene komt ons ophalen. In Douala ligt het e-mailverkeer al 10 dagen plat dus gaat Jeltje mee om de nodige correspondentie te regelen vanuit Mutengene. In Bonaberi, een voorstad van Douala maak ik voor het eerst anarchie in het verkeer mee. Later blijkt dat dit, voor onze begrippen asociale, gedrag in Kameroen heel gewoon is. Niemand stoort zich er aan en ook de politie vindt alles heel gewoon.
Bij de revalidatiekliniek aangekomen geeft Peter uitleg over het door hem ontworpen plan voor een geheel nieuwe kliniek die gebouwd gaat worden op een andere, overigens prachtig tegen een heuvel gelegen, plek. Net als in ons land zijn “religieuze” bouwplannen onderhevig aan goedkeuring door het bisdom. Mister Joseph van het bisschopshuis is aanwezig om enkele kritische opmerkingen te plaatsen. Bij deze Kameroenees moeten eerst de nodige irritaties worden weggenomen die een week eerder door een andere Hollander veroorzaakt zijn. Die was namelijk van mening dat men in Holland veel beter op de hoogte is van hetgeen in Kameroen nodig is om een goed werkende revalidatiekliniek op te zetten. Zo was hij van mening dat een klein zwembad ten behoeve van hydrotherapie als luxe beschouwd moet worden. De Afrikaanse meneer is daardoor, overigens zeer terecht, nogal gepikeerd. Na veel gepraat is de lucht weer opgeklaard. Peter is blij dat ik er bij ben. Zijn Engels is niet erg goed en ik kan, waar nodig, bijspringen. Uiteindelijk wordt het plan goedgekeurd en kan Sister Leonarda starten met de bouw. Er moet nog wel een zak met geld komen maar dat is in dit geval niet onze zorg. Peter is alleen gevraagd om het ontwerp voor de nieuwe kliniek te maken. Wij maken een rondgang door de kliniek en ik zie voor het eerst de bij ons bekende televisiebeelden in het echt. Heftig, moet ik zeggen. Wij lunchen bij de zusters. Leonarda ontvouwt een nieuw plan om mensen naar de kliniek te krijgen. Daarvoor is een minibusje nodig. Inmiddels ligt de aanvraag om te sponsoren bij ons. We gaan nog even kijken op de plek waar de nieuwe kliniek komt. Dan gaat het weer dwars door de chaos die Bonaberi heet, richting Douala. Om 19.00 uur zijn we in het hostel. Na het eten nemen we nog een duik in het zwembad, pakken nog een borreltje en gaan slapen.

Zaterdag, 10 november

Sister Xaveria, matron van het hospitaal in Njinikom, arriveert met een minibusje, een 4wd en twee chauffeurs. Het weerzien met Peter is allerhartelijkst en ook ik wordt uitbundig begroet. Knuffelen kunnen ze in Kameroen als de beste!
We brengen een bezoek aan de kraamkliniek van Sister Christa, Duitse van origine en van dezelfde orde als Sr. Xaveria. Zij heeft de kliniek min of meer in haar eentje uit de grond weten te stampen. Het is er schoon en netjes. Deutsche Gründlichkeit zullen we maar zeggen. We lunchen bij de zusters. Aardappels, kool en kip met een lekker biertje er bij.
’s Middags gaan we naar een kraamkliniek van de baptisten. Aan Peter is gevraagd om een uitbreidingsplan te tekenen. Nog nooit zo’n onbeschrijfelijke smerige bende gezien. De kippen scharrelen door de kliniek. De kraamkamer is dusdanig goor dat zelfs de meest hoogzwangere tot het besluit moet komen om de bevalling toch nog maar even uit te stellen. Peter begint steeds meer de pest in te krijgen. Tegenover het hoofd van de kliniek maakt hij erg goed duidelijk hoe hij over deze toestand denkt maar besluit uiteindelijk toch om het gevraagde plan te gaan uitwerken. Hij verbindt er wel de voorwaarde aan dat de kliniek op zijn minst schoon dient te zijn. Jeltje is erg ontdaan over wat ze te zien krijgt. Het is immers een kliniek van haar baptisten.
In de avond arriveert het orthopedisch team. Corné van Loon, hij is de orthopeed. Corrie Sturm, voor het eerst in Afrika, en Henk de Weerd zijn de twee OK-assistenten. Het klikt meteen tussen de nieuwelingen en de meer oudgedienden. We dineren in het nabijgelegen hotel. Daarna praten we nog wat bij aan de rand van de swimmingpool en zoeken om een uur of één ons bed op.

Zondag, 11 november

Om 7.00 uur, voorlopig voor de laatste keer, een frisse duik in het zwembad. Het ontbijt is om 8.00 uur. Dan is het inpakken en wegwezen, richting Njinikom. Met negen mensen in twee auto’s, één minibusje en een 4wd, dat is te doen. We moeten weer door Bonaberi. Daar is weer de nodige chaos in het verkeer dus ik hoef me voorlopig nog niet te vervelen. Eenmaal buiten de stad blijkt hoe mooi het landschap is. Het deel van Kameroen waar wij door komen is erg vruchtbaar. Er wordt twee maal per jaar geoogst. Er wordt maïs, suikerriet, bonen, cassave, koffie en aardnoten verbouwd. Daarnaast is er volop fruit. Bananen en papaja zie je bij ieder huis staan. Ook sinasappel, ananas, mango en avocado is er in overvloed. Voor de lunch gebruiken we zelf meegebracht brood en beleg omdat men in het hotel waar wij pauzeren alleen wat te drinken kan aanbieden. De zusters moeten nog wat vers fruit inslaan dus wordt er gestopt bij een rij fruitverkopers. Voor het eerst proef ik echt rijpe papaja en ananas. Ik moet uitkijken dat ik er niet te veel van nuttig, wij moeten immers nog een heel eind over niet al te beste wegen. De eerste grote stad waar we door komen is Bamenda. Weer de reeds bekende verkeerschaos maar toch niet zo erg als in Bonaberi. Jetty Mathurin, die ik in Alkmaar heb ontmoet bij de overdracht van de ambulance voor Suriname heeft een pleegdochter uit deze stad. Ik heb haar beloofd om een paar foto’s voor haar te maken. Die kan ik als ik terug ben even mailen. Er wordt getankt en er stapt nog een zuster in die ook naar Njinikom gaat. We vervolgen de reis en komen omstreeks 18.00 uur op onze plaats van bestemming. Weer de nodige knuffels tussen oude bekenden. We installeren ons in het guest-house . Voor ieder een ruime slaapkamer. Er zijn twee badkamers en er is een grote huiskamer. We kunnen buiten zitten op een grote veranda. Wel alles achter tralies. Felicitas, onze huishoudster, heeft een lekker diner klaargemaakt. De nightwatch, die voor onze veiligheid zorgt, krijgt een groot bord eten en een fles water. Dit is een dagelijks ritueel. Ik bel even met het thuisfront. Gelukkig heeft het medisch team de beschikking over een satelliettelefoon want het gewone mobieltje laat het jammerlijk afweten. We kletsen nog wat en gaan naar bed. 

Maandag, 12 november

Vanaf vandaag gaat het medisch team zich bezig houden met de operaties die gedaan gaan worden en Peter en ik gaan onze eigen weg. Wij gaan ons begeven in de wereld van bouwplannen en waterproblemen die om een oplossing vragen.
Allereerst brengen we een bezoek aan onze buren, de Anthoni-basisschool. Het werkt ongeveer zoals bij ons. Van kleuter tot aan het middelbaar onderwijs, alles onder één dak. Deze school is met behulp van o.a. Peter gered van de ondergang (bouwkundig gezien) en wordt in het aankomende weekend officieel heropend. Ik maak de kinderen blij met een voetbal en de juf met een handvol pennen. Dan laat Peter ons met gepaste trots het hospitaal zien. Het is er, naar Kameroense begrippen, netjes maar er is nog veel wat voor verbetering vatbaar is. ’s Middags hebben wij een afspraak met Kate Reinsma. Zij is een Amerikaanse die het waterproject in Bafut, ongeveer twee uur rijden van Njinikom, begeleidt. Ook aanwezig is Ambrose. Hij is de aannemer die de meeste projecten die Holland Helpt Wereldwijd in deze regio sponsort uitvoert. Probleem in Bafut is met name een behoorlijk verschil van mening tussen de matron die het revalidatiecentrum, het hospitaal en een school runt en Ambrose over de uitvoering van de watervoorziening. Daarbij komt dat Peter als eerste prioriteit stelt dat de plaatselijke bevolking van water wordt voorzien. Er volgt dus weer een behoorlijke discussie. Gelukkig worden uiteindelijk ook hier alle hobbels geslecht en krijgen we de garantie dat er eind november water is voor de mensen in Bafut en in het hospitaal. Voor de rest laten we het over aan de matron van het convent.  Het medisch team heeft vandaag geïnventariseerd hoeveel en welke patiënten geholpen kunnen worden. De elektriciteit valt een poosje uit maar dat is, evenals het ritueel met de nightwatch, een dagelijks terugkerend fenomeen. Trouwens wel gezellig; zonder krant, televisie of radio bij kaarslicht. Dan komt men ook eens toe aan een goed gesprek.

Dinsdag, 13 november

Weer vroeg op. Om 7.00 uur ontbijt. Vandaag gaan Peter en ik niet samen op pad. Peter gaat de container die het laatst is aangekomen inspecteren. Volgens de zusters is er het een en ander “zoekgeraakt”. Een andere Hollandse familie heeft mij uitgenodigd om met hen mee te gaan om een bezoek te brengen aan de Fon (= koning) van Kom. De familie Kerssens is hier om de opening van de Anthoni school bij te wonen en tevens hun 40 jarig huwelijksfeest te vieren. Peter vindt dit allemaal vreselijk overdreven en ik ben het helemaal met hem eens. Omdat nee zeggen een van mijn zwakke kanten is ben ik toch maar op de uitnodiging van Ton Kerssens ingegaan en zo komt het dat ik, opgepropt in een ouwe rammelbak, op weg ben naar de koning. Gelukkig komen wij hem onderweg tegen met zijn gevolg en Ton Kerssens spreekt met de prinses af dat er een alternatieve audiëntie komt in de, gelukkig zeer nabijgelegen, pastorie van Fundong. Het blijkt dus een “geregelde” ontmoeting te zijn hetgeen de waarde van dit circus naar mijn mening tot nul reduceert. Genoeg hierover.
We lunchen bij de pastoor van Fundong en gaan daarna de basisschool bekijken die opgeknapt en uitgebreid moet worden. Er is net een sportdag aan de gang voor alle basisscholen uit de buurt en er wordt gezongen en gedanst ter ere van de gasten uit Holland. Het is hartstikke leuk maar ik voel me toch een beetje ongemakkelijk bij al dit eerbetoon. Na de voorstelling bekijken wij samen met broeder Huub, een Mill-Hiller die de bouwactiviteiten van het bisdom begeleidt, de school. Naar zijn mening dient het geheel te worden afgebroken om plaats te maken voor nieuwbouw. Ik zie de bui al weer hangen. Naar mijn idee is het niet erg bouwvallig en kan er dus makkelijk uitgebreid worden met behoud van het reeds bestaande gedeelte. Dit is, naar later zal blijken, ook de mening van bouwadviseur Peter. We bezoeken nog een paar bekenden van Ton Kerssens. Weer de bekende knuffelpartijen, Kameroenezen zijn nu eenmaal “very friendly people”
Terug in Njinikom blijkt dat Peter een paar nieuwe matrassen besteld heeft want onze bedden zijn nogal hard en dat is voorzichtig uitgedrukt! Uiteindelijk zijn ook alle zoekgeraakte spullen uit de container terecht. Daar zijn een paar kisten bij waar o.a. kinderkleertjes in zitten. Jeltje wordt bereid gevonden om ze te sorteren. Een uurtje later ligt haar slaapkamer bezaaid met schoenen, knuffels en kleertjes.
Het wordt weer diner by candlelight, dus gezellig. Op tijd naar kooi want morgen is het weer vroeg dag. Om 5.00 uur wordt de klok van de buren geluid en beginnen alle hanen in de wijde omtrek te kraaien.

Woensdag, 14 november

Om 8.00 uur hebben wij een afspraak met Ambrose over het waterproject Boyo-hill (drinkwater in 10 dorpen in de omgeving van Njinikom).
Om 9.00 uur gaan we naar Georgian City Academy, een middelbare school waar ook beroepsonderwijs wordt gegeven. Mr Linus, de principal, leidt ons rond en de in rijen opgestelde leerlingen betonen ons hun dank. Weer een beetje ongemakkelijk maar ik begin er aan te wennen. Na de nodige speeches die, naar het schijnt, gebruikelijk zijn bij dit soort ontvangsten, wordt van mij als “nieuwe benefactor”een antwoord verwacht. Peter lacht in zijn vuistje, hij ontspringt de dans voor deze keer. Ik houd mijn toespraakje waarbij ik de toehoorders op het hart druk dat vooral zij de toekomst van Kameroen vertegenwoordigen blabla….. Dan geef ik mijn tweede voetbal aan het schoolelftal. Dat scoort wederom geweldig. Ook het tekenmateriaal en de pennen worden in dank aanvaard. Tijdens de rondleiding is het mij wel duidelijk geworden dat er met name in de technische afdeling gebrek is aan alles dus geef ik Mr Linus € 100,00 voor het goede doel. Al weer “Thank you with all my hart and may God bless you”. Als ik terug ben in Holland ga ik aan al mijn bekenden vragen om vooral geen gereedschap en ander voor ons technisch afval weg te gooien. In Kameroen zitten ze er om te springen! En via de containers van Holland Helpt Wereldwijd is het zeker dat de spullen op de goede plek terecht komen.
We gaan, samen met Mr Ambrose, op bezoek bij de 10 watercomités van de betreffende dorpen in de Boyo Hill regio. Het wordt een hele happening met toespraken en zo. Peter maakt van iedere voorzitter een foto. Deze houdt een papier met de naam van het dorp en de “gulle gever”uit holland omhoog. Prima voor de nodige goodwill in Holland. Daarna is er nog een klein feestje. Als het aan onze gastheren ligt duurt dat minimaal de rest van de dag maar wij vertrekken na een klein half uurtje. Peter zegt:”Wij zijn 14 dagen in Kameroen en er is werk voor 14 weken. Geen tijd voor feestgedruis dus.” Dit standpunt houdt hij voor de rest van onze missie vol. Voor mij dus echt geen vakantietripje. Maar ja, hij heeft mij gewaarschuwd voordat wij uit Holland weggingen. Wij gaan te voet terug, dwars door Njinikom en kijken even binnen bij Rita die voor haar oude oma zorgt. Gekookt wordt op een open vuurtje midden in huis. Alles roetzwart binnen. Wat mij verwondert is het feit dat de mensen die in deze huisjes leven er uit zien om door een ringetje te halen, smetteloos. Vervolgens brengen wij een bezoek aan Theresia. Zij is alleenstaande moeder die door haar overspelige echtgenoot is besmet met aids. Hij is inmiddels gestorven evenals haar jongste kindje. Zij heeft de zorg over zes, overigens gezonde, kinderen. Omdat zij niet in staat is om full time te werken  heeft zij de grootste moeite om de eindjes aan elkaar te knopen. Zeker omdat zij, zoals de meeste van haar landgenoten, haar uiterste best doet om de kinderen goed onderwijs te laten volgen. Zij is door de Hollandse missie een beetje geadopteerd en Peter geeft haar wat geld om het schoolgeld te kunnen betalen. Ik doe er maar € 50,00 bij uit onze pot.

Donderdag, 15 november

We gaan naar Bambui, een uurtje of anderhalf rijden, om naar het waterprobleem van het seminarie te kijken waar zo’n 150 priesterstudenten opgeleid worden. Father Harrie Peeters heeft de leiding en hij had van de kwaliteiten van Peter als watertechneut gehoord. Een pientere priesterstudent heeft de waterhuishouding in kaart gebracht en aan hand daarvan wordt een inventarisatie van de problemen gemaakt. Er wordt afgesproken dat wij nog een keer terugkomen om eventueel een oplossing aan te dragen. In de buurt is ook een klooster waar nog één Hollands zustertje verblijft. Zij is op hoge leeftijd en niet meer zo gezond. Haar zus woont in Huissen, vlak bij Gendt dus, en die heeft ons gevraagd om een rollator voor haar mee te nemen. Die gaan wij nu naar haar toe brengen. Het is een beetje raar als wij merken dat de nonnetjes beslist geen flauw idee hebben van wat dat nu weer voor een raar ding is. Om de verpleging een beetje makkelijker te maken is door Peter in een eerder stadium al een hoog/laagbed naar het klooster gestuurd. Volgens de zusters en de technieker van het klooster werkt het niet. Wij dus maar eens kijken. Een kwestie van het goede stekkertje in het bijpassende gaatje en ja hoor, daar gaat het ding. Hilariteit alom en een dankbare zuster verpleegster. Nu maar hopen dat de elektriciteit niet al te vaak uitvalt. Op de terugweg naar Njinikom gaan wij langs bij Genesis. Hij is verlamd aan beide benen en zijn wervelkolom staat vast. Desondanks is hij schoenmaker van zijn vak en voorziet zo in zijn onderhoud. Voor hem wordt een huis annex werkplaats en winkel gebouwd. Voorwaarde was dat hij zelf de grond zou kopen en dat is hem gelukt. Wij gaan het grondstuk bekijken. Het is erg steil. Bijna direct vanaf de weg valt het steil naar beneden. Voor Peter betekent het een uitdaging maar zowat ter plekke bedenkt hij een puike oplossing. Een huis van twee verdiepingen waarvan er dan één verhuurd kan worden. Een soort van dijkhuisje dus. In Njinikom zelf wordt ook een reeds bestaand huis aangepast voor twee gehandicapte jonge mensen die daardoor in staat worden gesteld om in hun eigen levensonderhoud te voorzien. Moeilijkheid bij dit soort eigendommen blijkt de invloed van familie te zijn. En wat gebeurt er als de bewoner komt te overlijden. Wij praten hierover met sister Xaveria en uiteindelijk wordt besloten dat het hospitaal eigenaar wordt van het onroerend goed en dat de matron zeggenschap krijgt over het geheel. Lijkt ons een goede oplossing.

Vrijdag, 16 november
Zoals gezegd doen de verhalen over Peter’s bouwkundige kwaliteiten de ronde in de hele Bamenda regio. De bouwpater van het bisschopshuis (zeg maar het bisdom) heeft hem gevraagd om een plan te maken voor de uitbreiding van de kraamkliniek tot algemeen ziekenhuis. Er zouden zo’n 200 bedden bij moeten komen. Wij gaan de situatie ter plekke in ogenschouw nemen en komen tot de slotsom dat het wel mogelijk moet zijn. En passant nemen we een kijkje in de drukkerij waar ook al weer uit Holland afkomstige machines op uit Holland afkomstig papier staan te drukken met, jawel, uit Holland afkomstige inkt. We gebruiken de lunch in het Mill Hill-huis. Prima voor elkaar met een fles bier erbij. Klaarblijkelijk leven de broeders er goed van. Dan gaan we naar het schooltje waar ik al eerder was met de fam. Kerssens. Men heeft Peter gevraagd om ook daarvoor een plan te maken voor nieuwbouw. Het plan om deze school totaal af te breken valt, zoals ik al verwachtte, bij Peter in totaal verkeerde aarde. Maar broeder Huub, bouwbroeder van het bisdom, houdt voet bij stuk en Peter haalt mopperend bakzijl. Echter niet zonder de opmerking:”Hier is het laatste woord nog niet over gesproken.” Wordt vervolgd dus.
’s Avonds probeer ik voor de tweede keer een e-mailtje de deur uit te krijgen. Weer mislukt bij gebrek aan power. Bijna klaar om het te verzenden en weg elektriciteit! Nog maar een keer gebeld via de satelliet dan . Mooie uitvinding.

Zaterdag, 17 november

De kinderen die in Njinikom worden geopereerd gaan revalideren in het Health Center Mambu in Bafut, ongeveer zestig km van Njinikom. Reden is dat het in Njinikom te veel bergop bergaf gaat. Wij gaan vandaag naar Bafut om plannen te bespreken voor uitbreiding van het health center waar sister Emma de scepter zwaait. Pittig nonnetje met een uitgesproken eigen kijk op de dingen, ook bouwkundig gezien. Na een rondleiding door het center en een uitgebreide discussie komt men tot overeenstemming en wordt aan de aannemer opdracht tot bouwen gegeven. Iedereen weer tevreden. In Bafut is ook het eerste waterprojekt gerealiseerd. Dat betekent een waterkraan die een vermoeiende klim naar het opvangbekken overbodig maakt. Wij zijn uitgenodigd bij de Fon voor een feestje. Hoewel het tegen zijn principes is kan Peter dit niet weigeren. Er is een officiële ontvangst met de bekende grote redevoeringen Wij worden gehuldigd en ondanks het feit dat ik niet weet waar ik dat aan te danken zou hebben deel ik mee in de feestvreugde. We worden aangekleed met koninklijke muts, hemd en tas. Deze keer toch wel leuk. Alles went zullen we maar zeggen. Daarna is er het gebruikelijke feestmaal en omdat er net een tropische regenbui uit de hemel valt duurt het ietsje langer dan een kwartiertje alvorens Peter er op zijn eigen manier weer een eind aan breit. Op de terugweg stoppen we in Bamenda om een paar souveniertjes voor thuis te kopen. Wij pikken er een paar zusters op die ook richting Njinikom willen. Inmiddels is het donker geworden en daardoor wordt ook het rijden een stuk interessanter. Echt hartstikke donker en tegenliggers met fel licht, half licht of geen licht en talloze voetgangers langs de weg. Voor geen goud zou ik mij daar als chauffeur op pad wagen. Veilig terug in het guesthouse, zoeken we ons bedje op.

Zondag, 18 november

Er is vandaag een kerkdienst ter ere van de opening van de opgeknapte Antoniusschool. De fam Kerssens heeft de gelegenheid aangegrepen om het 40 jarig huwelijksfeest nog eens over te doen en zich zodoende behoorlijk (of onbehoorlijk?) in het zonnetje te laten zetten. Je weet hoe ik hierover denk. Omdat ik de pech heb dat ik slecht nee kan zeggen hebben ze mij gestrikt om het geheel op de video vast te leggen. De dienst op zich is geweldig, met zang, dans en tromgeroffel van een paar honderd schoolkinderen. Minpuntje is wel dat het ruim twee en een half uur in beslag neemt. Daarna is er een meeting in de town-hall. Samen met een OK-assistent word ik door sister Xaveria meegetroond richting veel toespraken veel huldigingen en veel dansen. Het duurt mij allemaal wat lang. Peter kent dit soort samenkomsten en heeft wijselijk zijn snor gedrukt. Wij kunnen hem vanuit onze stikhete hall op de veranda zien zitten. Grote pot bier en big smile. Na afloop gaan we met het hele team naar het dorp om van een biertje te genieten. Veel bekenden getroffen, het wordt dus een gezellige boel. Dan begint het te regenen en valt het licht uit. Een medewerker uit het hospitaal die daar ook is regelt een taxi. Die komt aan in de stromende regen met twee dames als passagier. Die worden er zonder pardon uitgekegeld om plaats te maken voor ons met z’n vijven. Wij generen ons danig maar daar is volgens onze chauffeur geen enkele reden toe. Vijf passagiers brengen nu eenmaal meer geld op dan twee. Zo gaat dat blijkbaar hier.

Maandag, 19 november

Als gevolg van de verhalen die over Peter de ronde doen krijgen we bezoek van een mijnheer uit Batibo, ongeveer 120 km vanaf Njinikom, om te praten over de problemen die ook zij hebben met de watervoorziening. Wij horen het relaas aan en komen tot de conclusie dat er eigenlijk een heel eenvoudige oplossing voorhanden zou kunnen zijn. Wij hebben ook niet zo veel zin in een retourtje Batibo. Peter krijgt spontaan een acute aanval van diaree waardoor het voor hem onmogelijk wordt om zo’n lange autorit te maken. We leggen uit wat er zou moeten gebeuren en werken hem met een beetje blabla de deur uit. ’s Middags gaan we op bezoek bij onze buren. Een meisjesinternaat voor middelbaar onderwijs. Naast 200 internen zijn er ook externen die daar worden opgeleid. De internen zijn te herkennen aan het schooluniform. Dat heeft een andere kleur. Sinds kort is er ook een jongensafdeling. Streng gescheiden; laat dat maar aan de nonnetjes over. We brengen een bezoek aan de apotheek van het hospitaal en hebben een gesprek met de apotheker. Die vertelt over de extreem hoge prijs van dextro. Hij heeft ca 2500 kg per jaar nodig. In Holland kost een zak van 25 kg ongeveer € 40,00 en hij is er € 125,00 voor kwijt. Gevraagd naar het hoe en waarom wordt ons duidelijk dat tijdens het transport van Holland naar Njinikom deze “waardevermeerdering”optreedt, oorzaak corruptie. Er wordt afgesproken dat de dextro in het vervolg met de containers van Peter meekomt. Als tegenprestatie komen de vervoerskosten Douala-Njinikom voor rekening van het hospitaal. Een duidelijke win-win situatie. Wij nemen nog een kijkje op de boerderij van het convent. Sister Hilda is de boerin. Zij is zowat tachtig jaar maar heeft nog meer als zestig stuks vee onder haar hoede en zij maakt kaas om je vingers bij af te likken. Om de nodige attributen aan te schaffen sponsor ik haar met vijftig eurootjes. Weer God bless you in alle toonaarden, zelfs in het Tirools, haar Heimatland. Ik ga voor de eerste keer een bezoekje brengen aan de verpleegafdeling waar de geopereerde kinderen van de afgelopen dagen verblijven. Overal breed glimlachende gezichten. Zij hebben immers voor het eerst in hun korte leventje rechte benen!

Dinsdag, 20 november

Vandaag brengen we een bezoek aan Project Hope. Dit is een organisatie die voorlichting, preventie en begeleiding voor aids-patiënten verzorgt. Er zijn veel vrijwilligers die met name de begeleiding en voorlichting tot taak hebben. Het geheel maakt een zeer professionele indruk en er wordt dan ook duidelijk resultaat geboekt. Met name de vrouwen worden mondiger ten opzichte van de andere sekse. Unicef draagt een steentje bij en Holland Helpt Wereldwijd heeft ook een substantieel bedrag bijgedragen. Wij worden dus weer in het zonnetje gezet met toespraken enz. enz. De rest van de dag blijven we in het guesthouse. We krijgen nogal wat aanloop van mensen die dank je wel komen zeggen voor ontvangen financiële hulp. Nieuwe aanvragen, ondersteund met trieste levensverhalen, komen er ook genoeg. Peter, meer “vakkundig”op dit gebied als ik, waarschuwt voor te veel emotie. Wij praten er wat over en komen gezamenlijk tot de conclusie dat wij eigenlijk niet voldoende kunnen inschatten of de hulpvragen reëel zijn of niet. De zusters daarentegen, met name het hoofd van de meisjesschool en de matron van het hospitaal zijn in Njinikom geboren. Zij kennen dus hun pappenheimers. Desgevraagd zijn zij bereid om als bemiddelaar op te treden. In het vervolg beslist het hoofd van de school over de aanvragen voor schoolgeld en de matron van het hospitaal over de rekeningen van het hospitaal. Voor wat betreft de bijdrage vanuit onze stichting deed zij dat trouwens al. Zij krijgen daarvoor een bepaald geldbedrag dat zij naar eigen inzicht mogen toekennen. Er wordt jaarlijks een overzicht van de uitgaven geleverd.
’s Avonds heb ik een gesprek met sr. Xaveria, de matron, over het op te richten ziekenfonds. Het gaat half december van start. Er zijn al ongeveer 3000 inschrijvingen van de 14000 potentiële klanten. Binnen vijf jaar wil men 80% ingeschreven hebben. De opzet is als volgt:
Er worden alleen hele families ingeschreven, minimaal 3 personen. Premie bedraagt € 5,25 per jaar per persoon. Daarvoor kan drie maal per jaar het hospitaal worden bezocht. Er wordt dan 75% van de kosten van opname, behandeling en medicijnen vergoed. Een klein beetje chantage komt er ook aan te pas. Als er klanten komen die nog geen lid zijn worden zij niet geholpen voordat zij zijn ingeschreven. Daarvoor komt er bij de slagboom een “ziekenfondskantoor”, bestaande uit twee containers. Sr. Xaveria is vol goede moed over het welslagen van deze operatie. Ik overhandig haar de overgebleven € 1800,00 met als gevolg de gebruikelijke knuffelpartij. Ik begin er al een beetje aan te wennen.

Woensdag, 21 november

Om 9.00 uur vertrekken wij naar Tua-Fondong. Een dorp redelijk hoog op de berg. Om er te komen moet een riviertje worden overgestoken. Er was een brug waarover een auto kon om met name de landbouwproducten te vervoeren. Op een kwade dag is deze brug ingestort. De mensen moesten dus hun producten op hun rug of op het hoofd over een smal plankje de rivier over dragen om het beneden op de markt te krijgen. Peter heeft gezorgd dat de brug hersteld is. Zelfs beter dan hij was. Weer feest dus. Deze keer de korte versie. Daarna rijden we, samen met Ambrose, naar het seminarie in Bambui om een definitieve oplossing voor het waterprobleem te bedenken. Het wordt uiteindelijk het graven van een nieuwe waterput. Ambrose heeft dus weer een job erbij. op de terugweg gaan we langs bij Genesis om de bouw van zijn huis te bespreken. Alle papierwerk is in orde. Peter gaat een plan maken voor de bouw. Als het klaar is kan Ambrose ook hier aan de slag. Zo brengt de Hollandse activiteit in de wijde omgeving van Njinikom werk voor de plaatselijke bevolking. We zijn redelijk op tijd terug en we besluiten om samen met het medisch team een bezoekje te brengen aan Terence, de plaatselijke kunstenaar. Peter heeft  in de loop der jaren nogal wat gereedschappen om het hout te bewerken aan hem gegeven. Wij zijn dus heel erg hartelijk welkom.  Het medisch team hakt er aardig in met de aanschaf van djembé’s (trommels) en maskers. Hoe dat moet gaan met het inchecken van de bagage in Douala???. Wij zullen wel zien. Ik koop souveniertjes voor de collegae en bij het weggaan krijg ik zelf een prachtig gesneden stoeltje cadeau. Zo gaat dat klaarblijkelijk in Kameroen.

Donderdag, 22 november

Er bestaat enig meningsverschil tussen Sr. Xaveria en Ambrose over de hoeveelheid water die beschikbaar is om de 10 dorpen te voorzien van een waterkraan. Besloten wordt om samen met deskundigen van de regering naar boven te klimmen en de situatie ter plaatse te beoordelen. Ik ook mee natuurlijk, ondanks de waarschuwingen van Peter. Nou dat is een hele klim geworden!. Ik was blij dat we weer beneden waren. Overigens wel een grandioos uitzicht over Njinikom en omgeving. Het voornaamste is dat geconstateerd is dat er voldoende water aanwezig is. Ook hier kan Ambrose beginnen met de uitvoering van het werk. Terug in het guesthouse wacht sr Emma uit Bafut al voor een laatste overleg over de uitbreiding van haar hospitaal en de watervoorziening. Met Ambrose volgt een, eveneens laatste, overleg over al de projecten die hij moet bouwen. Ook wordt een deel van het benodigde geld aan hem overhandigd. Het restant wordt in bewaring gegeven bij Sr. Xaveria. Zij zal op afroep uit Holland, beetje bij beetje, de rest overhandigen. Ik ga nu eerst maar eens douchen om bij te komen van mijn bergbeklimming. Dan probeer ik voor de zoveelste keer in het internetcafé een paar mailtjes richting thuisfront te versturen en eindelijk lukt dat ook. Op de valreep, dat wel. ’s Avonds zijn we uitgenodigd om in het dorp een afscheidsbiertje te drinken. Voor de afwisseling valt het licht weer eens uit. Weer candlelight dus. Wel gezellig hoor. Als we terug gaan ben ik wel blij met mijn zaklamp. Zonder licht is daar ook echt zonder licht, pikkedonker. We krijgen nog wat aanloop van mensen die afscheid komen nemen en cadeautjes brengen. Meestal een plastic fles met pinda’s of een pakje zelfverbouwde koffie. We beginnen alvast met de koffers pakken. Wordt nog een hele puzzel om alles mee te krijgen.

Vrijdag, 23 november.

Vandaag worden er geen operaties meer uitgevoerd. Voor mij de gelegenheid om de OK te gaan bekijken. Corrie, de OK-assistente, leidt ons rond terwijl dokter Corné samen met Henk, de andere OK-assistent, een laatste ronde langs de patientjes maakt. Het ziet er allemaal netjes uit. Is echter, naar Hollandse maatstaven, zéér eenvoudig. Blijkbaar voldoet het wel want er zijn in 8 dagen maar liefst 48 kinderen recht op hun benen gezet. Dat betekent 80 operaties, gedaan door één chirurg! We gaan ook nog even kijken bij sr Hilda en haar koetjes en we maken nog een praatje met de apotheker. ’s Middags is er afscheidsreceptie in de grote hal. Xaveria heeft iedereen opgetrommeld. Er worden de nodige toespraken gehouden en het medisch team wordt helemaal de hemel in geprezen. Wij krijgen allemaal een aandenken mee. Er wordt een drankje geserveerd en er wordt gedanst. Iedereen meedoen dus! Gezelligheid alom.
’s Avonds geven wij een afscheidsreceptie in het guesthouse, zo hoort dat nu eenmaal. Ook daar wordt het gezellig. Sr. Xaveria wordt door dokter Corne omgedoopt tot Sr. X-factor.
Volgens mij ook wel terecht want ik heb tijdens mijn verblijf hier gemerkt dat het een zeer sociale maar op zijn tijd strenge erg hard werkende vrouw is. Niet te laat naar bed, morgen gaat de terugreis beginnen om 7.30 uur.


Zaterdag en Zondag, 24 en 25 november.

Vroeg op want het vertrek is om half acht. Onze chauffeurs zijn, zoals trouwens iedere keer, ruim op tijd en alle bagage wordt ingeladen. De terugreis naar Douala verloopt voorspoedig totdat we in Bonaberi, voorstad van Douala wederom in een file verzeild raken. Duur anderhalf uur. Bij de Baptisten aangekomen volgt er een frisse duik in de swimmingpool. Dan gaan we onze bagage inchecken. Ondanks het feit dat wij redelijk boven het toegestane gewicht van 46 kg per persoon zitten, levert dat geen noemenswaardige problemen op. Wij gaan de stad in om te dineren. Wordt ook een soort van afscheidsdiner. Gezellig, maar toch anders dan in Njinikom. Om 22.00 uur vertrekken wij richting luchthaven. Om 01.00 uur stijgen we op en om 07.30 uur landen wij veilig in Brussel. Tot onze verbazing kunnen wij met onze berg bagage ongestoord langs de douane. De afhalers zijn er al dus gaan we met z’n allen naar Renswoude. Daar drinken we een kop koffie en praten nog wat na. Een voor een komen ook hier de afhalers hun familieleden ophalen. Ik neem afscheid van iedereen, best wel een beetje emoties, stap in mijn Mazda en ga richting Gendt. Tegen de middag ben ik weer thuis. Het is mooi geweest.

Conclusie:

Het was, zoals Peter al zei, beslist géén vakantietripje.
Ik ben een heel aparte ervaring rijker waardoor mijn kijk op veel van onze eigen problemen duidelijk veranderd is.
Kleinschalige projecten, zoals wij ze sponsoren, werken. Wij moeten daar ook zeker mee doorgaan.
Ik had het voor geen goud willen missen.

Gendt, 6 januari 2008